'Je hoeft nooit bang te zijn, mama'

Foto Mine Dalemans    De boeken van Hermine Landvreugd spelen zich af aan de meest rauwe zelfkant van de samenleving. Hoewel ze de laatste tijd verklaart dat stigma beu te worden, laat ze nog steeds vrouwen zowel huisdieren als cafébazen pijpen. De hoofdpersonages zijn steevast ongelukkige, zichzelf wegcijferende vrouwen die warmte zoeken bij ongeïnteresseerde venten, drank en drugs. Critici zijn voorzichtig over het werk van Hermine Landvreugd. "Alleen de nare sfeer beklijft", "ranzig gedoe", "een deprimerend tableau van geweld en (seksuele) vernedering", klinkt het, maar Landvreugd wordt toch niet helemaal afgeschoten.
    Landvreugd schreef zopas een kinderboek voor jonge lezers vanaf 8 jaar: Willem is een weerwolf.  Deze zomer vertrouwde ze de lezers van Het Parool al toe dat het een 'vrolijk boek' zou worden. "Het was leuk om te schrijven. Heel anders ook.
Met zwaar gepsychologiseer hoef je bij kinderen niet aan te komen. Begrijpen ze toch niet. Je moet heel duidelijk zijn."
    Nu is Willem is een weerwolf helemaal geen vrolijk boek, ook al komt er geen zwaar gepsychologiseer aan te pas. Willem en z'n oudere broer Mick zijn kinderen van gescheiden ouders die heen en weer pendelen tussen pa en ma's huis. Het zijn sleutelkinderen, zelfstandig en vatbaar voor slechte voorbeelden en stoerdoenerij. Vooral Mick raakt 'ontspoord'. Willem wil erbij horen en doet wat Mick hem vraagt. Ze pikken een rolstoel uit het bejaardentehuis en gaan ermee rondrijden in de stad, stelen kleinigheden, houden mensen voor de gek. Respectloze ettertjes, kortom.
    Maar Mick loopt een hersenschudding op als hij enkele minuten in een droogtrommel meezwiert, en vanaf dan krijgt het verhaal een andere wending. Op het hoogtepunt van het kattekwaad van de kinderen, laat Landvreugd ouders en grootouders optreden om iets te doen aan het gedrag van Mick. Netjes in het midden van het boek gebeurt dat. Na een duidelijke, gestructureerde opbouw volgt het keerpunt.
    Landvreugd zegt in interviews dat ze eigenlijk vooral de stijl en de vorm belangrijk vindt in haar verhalen. Dat de lezer afgeleid wordt door de 'vaak heftige inhoud' spijt haar dan ook. In Willem is een weerwolf doet ze haar best. De mensen die invloed hebben op de broertjes zijn allemaal tamelijk clichématige typetjes. Nathalie, Micks pittig vriendinnetje met witte cowboylaarzen, is helemaal amoreel en onverschrokken en dat komt doordat haar vader in de gevangenis zit. Hun moeder is een wat saaie zangeres met verantwoordelijksheidzin die haar neus ophaalt voor de nieuwe vriendin van de vader. Hij is dichter en zij is een opvallende verschijning op hoge hakken.
    Echt interessant is Willem, het kleine broertje dat nog niet bedorven is, baby genoemd wordt, duizend angsten heeft en nog weerwolf durft te spelen met een laken om zich heen. Hij laat zichzelf nog toe zich te verbeelden dat de zwarte tegels gevaarlijk zijn en je dus alleen op de witte mag lopen. Hij kan nog blij zijn met de geur van hem bekend waspoeder, met een volle boezem in een zachte trui waar hij zich tegenaan mag drukken. Hij schaamt er zich niet voor dat hij verlangt dat zijn ouders weer samen komen. Mick daarentegen is in z'n apenjaren en toont weinig emoties. Alleen als ze samen zijn en niet onder de invloed staan van anderen valt ook Micks stoerheid weg. In een oude fabriek aan een verlaten spoorweg gaan ze op zoek naar dode dieren voor hun collectie, een passie waarvoor Mick zich niet te stoer voelt, en Willem niet te klein is. Hier ontmoeten beide broers elkaar en zijn ze zichzelf. Dan wil Mick zelfs luisteren naar een gedichtje van de kleine Willem.
    Willem is een weerwolf speelt zich af in een hedendaagse grootstad. Je krijgt een decor van straatvegers met een bruine huid, zwervers met een dozijn plastic zakken, McDonald's en achterbuurten. Turkse vrouwen in een wassalon, allemaal realiteiten uit een echte stad van vandaag. Dat leest eerst wat onwennig, want in heel wat kinderboeken wordt zelfs de stad geromantiseerd. Kinderen ontmoeten elkaar meestal op aanvaardbare braakliggende stukjes grond, in een park of op het schoolplein. Zelden wordt de stad levensecht afgeschilderd in een kinderboek.
    'Grappig en ontroerend' staat op de achterflap van Willem is een weerwolf.  Zeker in het begin is het boek ronduit beklemmend, vooral door de onverschilligheid die de jongens aan de dag leggen voor mensen en dingen rondom hen.
Hun machogedrag doet hen grenzen verleggen en alle redelijkheid vergeten. Ik betrapte me erop dat ik had willen lezen of Mick nu al dan niet terug 'op het rechte pad' komt dan wel volledig losgeslagen raakt. Landvreugd heeft het verhaal namelijk niet afgemaakt: je krijgt een momentopname zonder veel verloop, een niet onaardige flits uit het verwarrende leven van een opgroeiend kind.
    Dat de ouders gescheiden zijn is hierbij wel belangrijk, maar Landvreugd heeft ervoor gezorgd dat dat niet de kern van het probleem is. "Het mag onder geen beding een scheidingsdrama worden", verklaarde ze toen het boek nog geschreven moest worden. Dat soort engagement vindt ze "passé, overbodig geworden in de jaren zeventig". En toch eindigt Willem is een weerwolf niet zomaar met het beeld van de moeder van Mick en Willem, die alleen op de stoep achterblijft als de nieuwe vrouw van de vader de kinderen komt ophalen. Dat is gewoon, er wordt wat heen en weer gependeld, maar alerte Willem ziet z'n mama zo: "Ze lijkt opeens heel dun, alsof ze zo door de wind kan worden weggeblazen. 'Je hoeft nooit bang te zijn, mama', denkt hij. 'Ik kan je altijd beschermen, ik ben de vliegende weerwolf.' " Ouders in dit boek ervaren de zorg voor hun 'gescheiden' kinderen constant als loodzwaar, soms nauwelijks te tillen.
Belle Kuijken

Hermine Landvreugd
Willem is een weerwolf
Ploegsma, Amsterdam, 95 p., 498 fr.
vanaf 8 jaar.

TerugCopyright ©  De  Morgen                     29 november 2000.



<plaintext>