Wie vangt dit jaar de Gouden Uil?

Een mooi pakketje heeft de jury voor de Gouden Uil Jeugdliteratuurprijs dit jaar opgestapeld. Alle genres en mogelijke jonge lezers komen aan de bak. Een indrukwekkende coming-of-ageroman, een inventief pseudowetenschappelijk reisverslag, een geïnspireerd informatief boek, een verrassend poëziebundeltje en een glorieus prentenboek, Annemie Leysen nam ze onder de loep.

Het geheim van de keel van de nachtegaal

Meesterlijke hommage

Het geheim van de keel van de nachtegaal

Voor zijn eerste kinderboek, een sprookjesbewerking van De nachtegaal van H.C.Andersen, koos Peter Verhelst voor een samenwerking met de Vlaamse illustrator Carll Cneut. Het resultaat van deze joint venture, Het geheim van de keel van de nachtegaal, is overweldigend. In een harmonieuze combinatie van woord en beeld zetten de makers van dit prentenboek het klassieke sprookje naar hun eigen hand. Een 'zwelgboek' wilden ze maken, en dat is het ook geworden. Peter Verhelst liet zich niet verleiden tot een opgeklopt kinderlijk stijltje - vaak een valkuil voor succesvolle auteurs die zich voor één keer aan een jonger publiek wagen. Hij schrijft helder, precies en poëtisch. De sprookjestaal klinkt zinnelijk en relativerend tegelijk, vaak ritmisch en bezwerend. Dit is grote literatuur voor kinderen. Door niet de keizer, maar een op het eerste gezicht onbeduidend keukenhulpje de hoofdrol te geven, keerde Verhelst de rollen om en creëerde hij een verrassend subversief perspectief: de keizer en zijn kruiperige hofhouding magistraal in hun hemd gezet. Je raakt al evenmin uitgekeken op de ruim veertig kleinere en copieuze schilderijen. Carll Cneut zette voor dit boek zijn bekende troeven in: het werd een perfecte symbiose van kleur, vorm en compositie, aangevuld met een eigenzinnige kijk op een andere cultuur. Druk bevolkte, dynamische prenten wisselen af met verstilde momentopnames, zodat het wisselende vertelritme op de voet wordt gevolgd. In een prachtig spel van licht en donker werd geëxperimenteerd met nieuwe technieken en kleuren. De keizerlijke Tuin der Tuinen werd een wilde bloemen- en plantenweelde, in gedoseerde kleuren en van een bedachtzame architectuur. Ook kostuums en objecten kregen een bestudeerde snit en textuur mee in prachtige tinten en patronen. Het geheim van de keel van de nachtegaal is een genereuze en eigenzinnige hommage van twee meesters in het vak, aan een meestersprookjesverteller.


 

Allemaal willen we de hemel

Oorlog met vele gezichten

Allemaal willen we de hemel

Waarheid en leugen, schuld en onschuld, naïef idealisme en trouw aan eigen volk, en de dunne grens daartussen: deze monumentale coming-of-ageroman in een notendop. Tegen de vertroebelde achtergrond van de Tweede Wereldoorlog in een Vlaams dorp speelt Els Beerten vier jonge protagonisten behendig tegen elkaar uit. Er is Renée, nuchter registrerend, met haar overweldigende liefde voor Ward en voor die muziek die dingen leefbaar maakt, en met haar consequente no-nonsensehaat voor de bezetter en 'dat soort' Vlamingen. Haar broer Jef, de 'schrikschijter', vermeende verzetsheld tegen wil en dank, met medaille toe als vergiftigd geschenk; in de ban van de heroïek van het Oostfront, maar als de dood voor de gevolgen van een echte keuze. en dan is er Ward, de idealistische collaborateur, eerst als Martin Lenz, onder een valse Duitse identiteit opgevoerd, en na een eindeloze odyssee weer als Ward in de Vlaamse heimat. Kleine Remi, de jongere broer van Jef en Renée, bekijkt met balorige nieuwsgierigheid en argeloze onwetendheid wat zich om hem heen voordoet en krijgt meteen de meest authentiek stem mee.
   Els Beerten componeerde haar roman bijzonder ingenieus. Door vier sleutelfiguren alternerend hun zeg te laten doen, telkens in eeh heel eigen en herkenbaar idioom, creëerde ze een vernuftig caleidoscopisch beeld van personages, meningen en feiten. Niemand is hier helemaal held, verliezer of slechterik. De gekozen structuur zorgt meteen ook voor de nodige spanning. Mondjesmaat distilleer je uit de verschillende versies de ware toedracht. Bovendien krijgen heel wat kleurrijke randpersonages (de prachtige moeder Blondine, bijvoorbeeld!) een boeiende rol in al de verhalen. Relevante achtergrondinformatie over Vlaanderen, collaboratie en verzet wordt gedoseerd en subtiel meegegeven en er wordt ook slim met de tijd gespeeld. Beerten schrijft sober, zonder overbosige franjes, en met vinnige, geloofwaardige Vlaams klinkende dialogen. De muziek van de dorpsfanfare loopt als een rode draad door het boek heen. Een mooie vondst! Allemaal willen we de hemel is een indrukwekkende roman die veel duidelijk maakt over hoe het toen was en nu nog steeds is.


 

Een halve hond heel denken

Open je ogen

Een halve hond heel denken

Een non-fictieboek van Joke van Leeuwen kan nooit slaapverwekkend worden. Dat bleek eerder uit haar vindingrijke beschouwingen over taal in Waarom een buitenboormotor eenzaam is. In deze geestige en speelse kijk op kijken verpakt ze een hoop verrassende en interessante informatie op haar eigen onnavolgbare manier. Grappige, warrige titels kondigen steeds weer onverwachte observaties aan. Met uitvoerig, verhelderend illustratiemateriaal - van eigen hand of uit haar rijke beeldarchief - heeft ze het over trompe-l'oeils, de magie van kleuren, pictogrammen, de gouden snede, lijnperspectief, compositie, lichtinval en nog veel meer. Zonder saaie uitleggerigheid bewijst ze hoe de (be)kijker constant en nietsvermoedend wordt gemanipuleerd en in het ootje genomen. Met lichtvoetige ernst ontrafelt Van Leeuwen de psychologie en de fysiologie van de visuele waarneming. Slim vist ze uit waarom horloges in reclamefolders altijd vrolijk op tien over tien staan ("om vijf voor half zeven zouden de armpjes treurig naar beneden hangen"). Het spel dat ze speelt met wisselende ondertitels bij krantenfoto's - een bende wereldpolitici op een kluitje, met Poetin als middelpunt, bijvoorbeeld - is hilarisch. Het is maar hoe je het bekijkt, dat is de boodschap. En de typische Van Leeuwengrapjes blijven ook hier weer onweerstaanbaar. Haar exposé over hoe het netvlies licht opvangt dankzij miljoenen staafjes en kegeltjes, besluit ze zo: "dus als je je 's nachts alleen voelt moet je maar denken: ik ben wel met mijn honderd miljoen staafjes". Een prachtig geïllustreerd en geschreven boek voor kinderen die hun ogen willen gebruiken en voor volwassenen die niet denken dat ze het allemaal wel hebben gezien.


 

Zullen we een bos beginnen?

Spel van taal, rijmen ritme

Zullen we een bos beginnen?

Met zijn debuut voor kinderen heeft schrijver en theatermaker Jaap Robben meteen de juiste toon getroffen. Moeiteloos nestel hij zich in een kinderhoofd, en bekijkt hij met verbazing wat er zoal in de wereld te zien is. Geen knullige prietpraat, maar lichtvoetige verwondering over heel gewone dingen en authentieke filosofische beschouwingen op kindermaat, meestal meer dan behoorlijk in taal gezet, al zit er hier en daar ook wel een stuntelige of melige misser tussen. Robben stelt grappige, onverwachte vragen, zoals kinderen dat doen. Over sokken, bijvoorbeeld, gevangen in de kast: 'tot pijnlijk strakke knolletjes gedraaid/ in een achterwaartse salto/ flikflak met dubbele knopen/ alsof iedereen bang is/ dat ze weg willen lopen'. Maar evengoed over de oneindige grootheid van de wereld, over de allochtone medemens, over de verdwenen haren van "opa's uitgebloeide kruin", en of al het water ooit verdriet is gewest. Robben speelt aardig met taal, rijm en ritme. In 'Verloren liefs' klinkt het zo: 'Verloren dingen worden weer van zichzelf./ Kwijtgeraakte knikkers, zonnebrillen in zee/ en weggewaaide woorden.' Schijnbaar achteloos laat hij voortdurend ballonnetjes op, klaar om te worden opgepikt door wie ze hebben wil. De Vlaamse illustrator Benjamin Leroy wilde ze wat graag. Hij liet zich vooral door het titelgedicht inspireren. Door de bladzijden heen laat hij, in kleine kriebelige zwart-wittekeningen een heus bos uitgroeien, waarin steeds weer grappige figuurtjes of voorwerpen uit andere gedichten opduiken. Op die manier vult hij aan wat er niet staat en brengt hij een verrassende samenhang in de bundel. Samen maakten ze het gewone heel bijzonder.


 

Tjibbe Tjabbes' wereldreis

Imaginaire dieren

Tjibbe Tjabbes' wereldreis

"Niets in dit boek is waar en zelfs dat in niet waar" (vrij naar Multatuli), zo klinkt het cryptische motto van dit op het eerste gezicht serieuze 'naslagwerk'. Over een vermeende expeditie met De Griffioen gaat het, een fregat dat onder de leiding van Kapitein Horzelhaak in 1774 een wereldreis ondernam met wetenschapslui aan boord die in opdracht van Amsterdamse kooplieden vreemde diersoorten moesten registreren. Allemaal met het oog op een voorspelde nieuwe zondvloed. Het schip bleek plots van de aardbol verdwenen. In 1990 werd het wrak in raadselachtige toestand teruggevonden. In een later boven water gekomen Journael brengt professor Tjibbe Tjabbes verslag uit van de bewogen reis en in het onvoltooide manuscript Het Handtboeck Uijtsonderlijcke Beesten van het Aertrijck maakt hij met wetenschappelijke precisie het profiel op van tientallen onbekende diersoorten. Kunstenaar Fiel Venius maakte de 'historische' en 'wetenschappelijke' detailtekeningen bij de lemmata van de ontdekte beesten. Noach en zijn ark en Darwin zijn hier nooit ver weg. Journaal en handboek werden in dit nepverhaal slim gecombineerd. In één boek krijg je op die manier een reisverslag, een avonturenverhaal én een dierenencyclopedie. Het duurt even voor je als lezer in de gaten hebt dat je meesterlijk in de maling wordt genomen; zo écht lijkt al die aan een ongebreidelde fantasie ontsproten informatie. Vooral de illustraties van Fiel van der Veen zijn in al hun exactheid verbluffend overtuigend. Een geestig boek is dit, en een origineel bedacht verzinsel dat verrassende vergezichten opent. Een ode aan de verbeelding, ook, die alles mogelijk maakt. Het schrijf- en tekenplezier van de makers is constant voelbaar en werkt aanstekelijk. Je zou op den duur wat graag gaan geloven in het bestaan de penduulgoeroe, de Roodklopper, de marmerspuiter of de Zielsnijder!

Annemie Leysen

 

Peter Verhelst
Carll Cneut (ill.)
Het geheim van de keel van de nachtegaal

De Eenhoorn , 64 p., € 24,95.
ISBN: 9789058385079
vanaf 8 jaar.

 



Els Beerten
Allemaal willen we de hemel

Querido, Amsterdam , 498 p., € 17,95.
ISBN: 9789045106199
vanaf 15 jaar.

 

 

Joke van Leeuwen
Een halve hond heel denken

Querido, 125 p., € 16,95.
ISBN: 9789045106090
vanaf 11 jaar.

 

 

Jaap Robben
Benjamin Leroy (ill.)
Zullen we een bos beginnen?

De Geus, 64 p., € 14,95.
ISBN: 9789044512724
vanaf 7 jaar.

 

 

Harm de Jonge
Fiel van der Veen (ill.)
Tjibbe Tjabbes' wereldreis

Van Goor, 132 p., € 14,95.
ISBN: 9789047504122
vanaf 9 jaar.

 



Copyright © De  Morgen   .::.  29 april 2009

 


TH Boekenbos - Besprekingen/boekbesprekingen/recencies van kinderboeken, jeugdboeken, poëzie


Valid CSS!