De
stijl van Joke van Leeuwen is doorgaans onnavolgbaar subtiel, verrassend, origineel,
ontroerend en geestig tegelijk. In haar nieuwe boek Slopie moet onder
meer het opdringerige en leugenachtige mediacircus eraan geloven. En ook de
ambities waarmee ouders hun kinderen opzadelen worden op de korrel genomen.
Net als in Iep, Kukel en zelfs in haar roman Bezoekjaren,
is milde humor weer haar geliefkoosde wapen.
Slopie Amovere, zo heet de kleine heldin. Niet Illizzebiz
zoals haar moeder het liever had gehad, want een naam die beroemdheid belooft.
Haar vader Tonnus, gedreven sloper of amoveur van beroep, liet haar zo
registreren bij haar geboorte; de andere naam leek hem meer "een naam voor
een mug". Aardige ouders, overigens, Lisa en Tonnus: Lisa nogal bezeten
door televisie, eer en roem; Tonnus wat naïef, kortzichtig en braafjes,
maar al bij al grote liefhebbers van hun Slopie. Wanneer Tonnus een oud theater
moet helpen slopen brengt hij niet alleen wat oude foto's, kostuums en theaterstukken
mee voor verkoop in Lisa's rommelwinkeltje. Ongemerkt sloop ook de oude souffleur,
een akelig oud mannetje "met gruis in de stem", mee de kelder in.
Met het theater werden ook zijn verleden en zijn toekomst met de grond gelijkgemaakt.
Wraak op de sloper houdt hem overeind. Alleen Slopie kan hem in het grootste
geheim aan het 'voorzeggen' houden en zo het onheil afwenden: eerst met haar
spreekbeurt over de dodo die ze voor de klas geeft, later, onder druk en regelrechte
chantage, door voor haar trouwe ouderspubliek hele stukken uit Hamlet
te citeren, waarbij de voorzegger ongemerkt alles influistert. Lisa ziet al
roem en rijkdom aan de horizon opdoemen, en Tonnus is in de wolken. Het nieuwbakken
wonderkind wordt dan ook ingezet in de Miljoenenpoen-tv-show. De steeds
inhaliger wordende voorzegger sleept Slopie met zijn geniepige interventies
vanuit de coulissen tot in de finale, waar hij haar in de steek laat, zodat
ze voor het eerst zelf het antwoord op de beslissende vraag moet bedenken. Op
één letter na het juiste en meteen ook haar enige échte
victorie. Joke van Leeuwen is in dit boek weer volop op dreef in haar eigen,
onmiskenbare stijl: dubbele bodems, taalgrapjes en eindeloze gedachtestromen
geven de spannende plot weer die typische toon mee en zorgen voor de nodige
misverstanden. Bittere ernst en tragisch haast wordt het wanneer Slopie helemaal
geïsoleerd raakt: "Ze verborg haar hoofd in haar kussen en voelde
zich zo ellendig dat ze dacht: was ik maar uitgestorven." Alweer moet een
klein meisje in haar dooie eentje tegen het geknoei van hebberige en zelfingenomen
volwassenen opboksen. Een thema dat Joke van Leeuwen wel vaker in haar boeken
bespeelt, maar dat hier een stuk wranger en dreigender tussen al de grappen
en absurde fantasieën door klinkt.
Gerard
B. Berends gaat in Zokken met de Z van Zondag wat al te breedvoerig te
werk. Jammer, want dit boek is overigens best grappig en innemend, met een reeks
absurde verhalen over een bijzonder koningspaar. Op de geestige zwart-witprenten
van Fleur van der Weel wordt die absurditeit perfect overgenomen: de 'gekroonde
hoofden' hebben een plastic zee-emmertje met kantelen op hun kop. Daarmee wordt
de hele 'majesteit' meteen slim doorprikt. De koninklijke echtelieden leiden
op het eerste gezicht een doodgewoon bestaan: ze zoeken dingen die ze kwijt
zijn geraakt, ze spelen rijmspelletjes, vervelen zich, maken hartgrondig ruzie,
hebben plots haast, bakken een taart of versieren de kerstboom. Maar elke bezigheid
krijgt een onverwachte en vaak hilarische invulling. De koningin is hier duidelijk
de stille kracht achter een wat zeurderige, domme en naïeve koning die
zijn autoriteit voortdurend bevestigd wil zien en horen. "Ik moet nadenken
over hoe het verder moet met het land. Ik kan bijvoorbeeld zeggen dat er een
kanaal moet gegraven worden of dat alle mensen appelbomen in hun tuin moeten
zetten, want appels zijn lekker en appelmoes is nog lekkerder", en meer
van die machistische kleuterpraat wordt door Mevrouw op de nodige ironie onthaald.
Hoe de vorst ook probeert aan zijn ambt de nodige plechtstatigheid te verlenen,
een mens is tenslotte maar een mens. Berends laat zijn verhalen, vaak zonder
noemenswaardige pointe, rustig verderkabbelen en roept in de vaak nonsensicale
dialogen een bijzonder herkenbaar sfeertje op.
Joke van Leeuwen
Slopie
Querido, Amsterdam, 149 p., € 12,50.
vanaf 10 jaar.
Gerard B.Berends
Fleur van der Weel (ill.)
Zokken met de Z van Zondag
Querido, Amsterdam, 120 p., € 13,50.
vanaf 6 jaar.