Een diertje in het bos

De Nederlandse schrijfster Rita Verschuur heeft een bijzondere band gehad met Astrid Lindgren. Zij was niet alleen haar vaste vertaalster, maar onderhield veertig jaar lang een hechte, soms ook wel moeizame vriendschap met de Zweedse schrijfster.

Astrid LindgrenHet is geen gewone biografie geworden, dit boek. Geen systematische levensbeschrijving met de feiten chronologisch op een rijtje. Het manuscript lag overigens net bij de uitgever toen bekend werd dat Astrid Lindgren (op 28 januari 2002) was overleden. In korte, losse fragmenten vertelt Rita Verschuur hoe Astrid Lindgren voor een groot stuk haar leven en haar carrière heeft bepaald. En dat doet ze erg onderhoudend, in een toon en stijl die ook haar jeugdboeken (onder meer Jubeltenen en Vreemd land) zo geloofwaardig en overtuigend maken.
  Het boek eindigt ongeveer waar het ook begint: in het najaar van 2001 en in het huis van Karin Nyman, de dochter van Astrid Lindgren, op de dag van de 94ste verjaardag van de schrijfster. Rita Verschuur vertelt haar over haar boek: "Ik ken je moeder al zo lang en tijdens het schrijven begon ik pas goed te beseffen hoeveel zij voor mij betekent. Want het gaat natuurlijk ook over mij. Over Astrid en mij, mijn kinderen. Maar het gaat om Astrid."
   In korte momentopnamen komen dan de vele ontmoetingen, brieven en bezoeken aan de orde. Die eerste afspraak in 1959, bijvoorbeeld, waar een piepjonge Rita Verschuur, op het puntje van haar stoel want vol ontzag, met de schrijfster overlegt hoe ze het woord klyka het voordeligst in het Nederlands kan vertalen en hoe ze meteen carte blanche krijgt, op voorwaarde dat er geen vergezochte grappen aan te pas komen. (Bij een volgend gesprek gaat ze al "op de hele zitting van de stoel zitten".) En over die "eterij" bij Astrid thuis, gaat het, waarop ook andere vriendinnen waren uitgenodigd. Rita Verschuur roept in een paar woorden het ongemakkelijke, wat nijdige gevoel op dat haar besluipt wanneer Astrid meer aandacht blijkt te hebben voor de overige gasten. Net zoals de gastvrouw geen vulling had bereid voor de kalkoen op het menu, ontbrak bij Rita die avond de stuffing. En dat had Astrid gemerkt.
Astrid Lindgren   Door de jaren heen worden de verhoudingen hechter én complexer. Soms hebben die alles weg van een moeder-dochterrelatie, met veel gekoos ("dochtertje van me, troostblaadje, hartenlapje") en goede raad en met Astrids onfeilbare 'voelsprieten' die meteen aanvoelen wanneer het mis loopt in Rita's persoonlijke leven. Maar er is ook de ergernis, bijwijlen, over de veeleisendheid, de dwingende exclusiviteit van Lindgren, die Rita's eigen schrijversambities wel eens doorkruisen en dwarsbomen. "Die Astrid Lindgren, wat kan ik toch genoeg krijgen van dat mens", zegt Rita zo nu en dan. Ik ben het met haar eens, zo vaak als ik benaderd word in mijn rol van vertaalster van haar werk. Zelfs nu nog, nu ik zelf op gang ben gekomen met mijn eigen schrijverij." Grenzeloze bewondering, verbazing en zeldzame irritatie wisselen elkaar af in het verrassende beeld dat Rita Verschuur hier ophangt. Je maakt kennis met de geestige, guitige en onvoorspelbare Astrid Lindgren, die ter ontspanning een tijdje op haar hoofd staat, of op haar 66ste in het hooi springt met Rita's kinderen. Of die keer dat ze gevat reageert op de heisa die de kranten maken over een verblijf in het ziekenhuis, met een brief over haar training voor "de Oudewijvenloop in de ziekenhuisgangen". Al even geestig is de reflectie die ze maakt wanneer ze tot Zweed van het jaar wordt verkozen: "Jullie benoemen iemand tot Zweed van het jaar die stokoud is, zogoed als blind, zogoed als doof en zogoed als gek. Laten we ons best doen aan dit nieuws geen ruchtbaarheid te geven."
   Ook het strijdbare karakter van Lindgren komt goed uit de verf. Rita Verschuur vertelt over haar ingrijpende acties tegen de belastingspolitiek van de Zweedse sociaal-democraten in 1975 en over haar verontwaardiging over de bio-industrie en haar vurige pleidooi voor de terugkeer naar kleinschaligheid.
   Naarmate de jaren verstrijken wordt het beeld van Astrid Lindgren fragieler, menselijker ook. De voortdurende en opdringerige aandacht van de media valt haar steeds zwaarder, ook al laat ze dat zelden blijken. "Een diertje in het bos" zou ze willen zijn, weg van alle heisa rond haar persoon. Maar ze blijft, zegt Rita Verschuur, een "meester in het omhelzen": "Die omhelzingen zeggen misschien wel het meest over Astrid. Kom dicht bij me, maar niet te dichtbij. Ik ben het die bepaalt hoe er hier omhelsd wordt. Onthoud dat goed.!"
Astrid Lindgren   Door al de boeiende anekdotiek heen gaat het voortdurend over het schrijven en vertalen van (kinder)literatuur. En dat maakt het boek bijzonder interessant. Over de worsteling met de taal, waar een vertaler mee te maken krijgt, bijvoorbeeld, en over het toelaatbare van eigen ingrepen. Haar voorkeuren voor bepaalde personages uit Lindgrens verhalen zeggen veel over wie Rita Verschuur is. Zo heeft ze maar weinig op met de immens populaire Pippi Langkous: ze vindt die "duivelskunstenares" "ongrijpbaar" en "te gek en niet gek genoeg", op het hysterische af. Dan liever Madieke of Michiel van de Hazelhoeve. Ze blijft zich ook suf piekeren over het slot van De gebroeders Leeuwenhart, waarin de dood te onomwonden aanwezig is en ze voert op geregelde tijden gesprekken met collega's en vrienden over dat bewuste einde. Met Astrid Lindgren zelf kan dat niet: "Haar boeken staan niet ter discussie."
   In deze Herinnering maakte Rita Verschuur met veel pudeur en eerlijkheid tegelijk een prachtig portret op mensenmaat van een grote schrijfster en een ontroerend en geloofwaardig relaas van het eigen leven met en zonder Astrid Lindgren.

Annemie Leysen


Rita Verschuur
Astrid Lindgren. Een herinnering
Bert Bakker, Amsterdam, 190 p., € 15,95.
vanaf 10 jaar.

Terug Copyright ©  De  Morgen                     9 oktober 2002.