24
Maart ll. eindigde de Jeugdboekenweek. 'Houden Van' kan echter nooit lang
genoeg duren, daarom op de valreep nog enkele mooie prentenboeken vol liefde.
Voor de kleinste kleintjes tekende Debi Gliori vier eenvoudige blokboekjes
over Meneer Beer. Hij is een liefdevolle papa, die met zijn berenbaby teder
de wereld verkent. In 'Kietel hier, kietel daar' wordt baby gewassen,
gevoed en uitgebreid gekieteld. 'Hup, naar buiten' is een stapperdestap-verhaal
dat eindigt bij de open haard. 'Een dikke knuffel' wil Meneer Beer
alleen van zijn kleine babybeer, en in 'Even stil allemaal' brengt
papa zijn zoontje naar bed, na een verhaal vol dierengeluidjes. Bij het
lezen van deze boekjes kunnen papa's zich helemaal laten gaan, en mee kietelen,
spetteren, knuffelen en kwaken.
Prachtig geschilderde prenten van een
berenjong en zijn moeder staan er in 'Met heel mijn hart' van Noris
Kern. Polo, een ijsbeerjong, krijgt op een dag van een kariboe de boodschap
dat zijn moeder van hem houdt 'met heel haar hart'. Wat bedoelt het hert
eigenlijk? Weten andere dieren hoe hun moeder van hen houdt? De pinguïnmama
houdt haar kindje warm met haar vleugels. De kleine zeehond ligt lekker
tussen de zwempoten van zijn ma, en moeder wolf knabbelt liefdevol aan
de pels van haar welpje. Wanneer Polo bij zijn mama komt, gaat hij op zoek
naar de betekenis van haar liefde. Haar pels, haar ogen, haar neus... haar
hele lijf is vervuld van de liefde, die hij zachtjes mag ontdekken. De
berenliefde is heel mooi weergegeven in vorm en kleur. Vreemd is wel dat
na enkele prenten de witte ijsbeer plots goudgeel begint te worden. Naar
het einde toe pronken moeder en kind in een honingbruine berenvacht. Verkeerd
kleurenpalet of komt het door de gloed die liefde geeft?
Tobi en de sterren is een liefdesverhaal tussen een adelaarsmoeder
en een verlaten berenkindje. Op een rots in de woestijn heeft de adelaar
Mara haar nest gemaakt. Tijdens een storm valt haar ei naar beneden, vlakbij
beertje Toby. Krijsend pakt Mara hem op met haar grijpklauwen en voert
hem naar haar nest. Het wordt wel wat, tussen Toby en zijn nieuwe moeder.
Hij zit veilig in haar nest op de hoge rots. Maar dan moet hij leren vliegen,
zoals een echt adelaarsjong. Hij valt telkens als een steen naar beneden,
en landt in de takken van een parapluboom of wordt door zijn moeder liefdevol
vastgegrepen, voor hij te pletter kan storten. Tot hij, op een nacht vol
sterren, de kunst heeft geleerd...
Het verhaal van Ron Langenus krijgt een waas van geheimzinnigheid
door de latente aanwezigheid van Jesse, een oude, zieke man die met een
meerkat in een hutje aan de voet van de rots woont. Hij probeert de geluiden
die van boven komen te duiden en is de eerste om het wonder van de berelaar
(of de adelbeer) te aanschouwen. De waterverfprenten van Marijke Meersman,
die met Toby en de sterren haar eerste prentenboek aflevert, dragen
deze vervreemdende stemming mee uit.
Mosje is weer een heel ander
boek. Een verfrissende combinatie van een vrolijk gerijmde tekst met originele
illustraties. Schrijver Geert De Kockere is een man met vele ideeën.
Hij vindt voor zijn projecten vaak verrassende en vernieuwende illustratoren.
Voor Mosje heeft hij Johan Devrome aan het werk gezet, met een aardig
resultaat.
Mosje van het sleutelbosje gaat naar de stad voor het
zoeken van een schat. Wie zal haar lieveling zijn? De eerste die komt aanfietsen
is Rare Jan, die doet wat niemand anders kan. "Moi! zegt Ma de Moiselle.
Allez vite, een beetje snel! Oei, zegt Mosje, nee zegt Mosje, geen mamoisellen
in mijn huis, zegt Mosje van het sleutelbosje." Een voor een defileren
de kandidaten: Bo de reus, met zijn curieuze neus of Babe Lut de Babelet,
wilde Bras of Blote Rik, juffrouw Jansen of Vera Van der Zee, ze krijgen
maar één boodschap: NEE. Maar dan komt Mosjes moeder ten
tonele...
Houden van iemand betekent ook dat je hem of haar mist als hij er niet meer is. Deze gevoelens heeft Paul Verrept uitgewerkt in Ik mis je. Een kleine jongen mist zijn vriendinnetje, die verhuisd is. Hij mist ook zijn oma, want die is dood. Wat is 'missen', eigenlijk? Hij zoekt het uit, samen met zijn opa. Hij leert ook van zijn ouders dat je iemand die weg is soms kunt bezoeken, en dat je iemand die dood is dicht naar je toe kunt halen door aan haar te denken. Het gevoel van leegte verdwijnt een beetje als je je geborgen voelt bij wie van je houdt.
De liefde tussen Nina en Thomas heeft al heel wat stof doen opwaaien. Van
het eerste prentenboekje van Anna Höglund over deze twee beertjes
werd in Vlaanderen zelfs een toneelvoorstelling gemaakt.
Nina zonder
Thomas is een variatie op hetzelfde thema: jongen gaat op stap, meisje
blijft kwaad achter. Nu blijft Nina echter niet bij de pakken zitten. Ze
neemt haar rugzak en loopt voorgoed weg. In haar hoofd ziet ze hele taferelen
die zich thuis zouden moeten afspelen, als Thomas ontdekt dat ze weg is,
en ze krijgt onderweg al medelijden met haar arme vriend, die nu aan zijn
lot is overgelaten. De wereld is ook wel een beetje groot voor Nina, dus
ze gaat maar weer terug. Thomas is natuurlijk nog lang niet thuis, dus
alle moeite was voor niks. Maar dan leert ze een nieuw vriendje kennen...
Ook dit Nina en Thomas-boekje is weer heel leuk in al zijn eenvoud. En
zo herkenbaar, voor jaloerse en rebelse kleuters, maar ook voor hun mama's
en papa's.
Hét boek van de Jeugdboekenweek was echter Vos en haas van
Sylvia Vanden Heede en Thé Tjong-Khing, genomineerd voor de Gouden
Uil. Een schitterend, liefdevol en humoristisch 'groeiboek', dat ergens
anders op deze pagina's ruime aandacht krijgt van Belle Kuijken.